Een belangrijke voorwaarde voor een veilig Nederland is een overheid die zijn basis op orde heeft, goed samenwerkt en zicht houdt op de lange termijn. Dat is in 2025 onvoldoende gelukt. Bovendien zijn veel plannen nog niet omgezet in actie, concludeert de Algemene Rekenkamer in het verantwoordingsonderzoek 2025.

Naar het rapport

De Rekenkamer ziet problemen bij de toegenomen uitgaven van Defensie en de Veiligheidsstrategie van de rijksoverheid. Nederland gaf € 25,8 miljard uit aan defensie, inclusief € 5 miljard steun aan Oekraïne. Dat komt uit op 2,22% van het bruto binnnenlands product. De minister van Defensie heeft daarmee de NAVO-norm van 2% van het bbp gehaald. Nederland voldoet met 30,3% ook aan de NAVO-investeringsquote van minimaal 20%.

Centrale coördinatie Veiligheidsstrategie vraagt aandacht

Tegelijkertijd zijn veel resultaten van al dat extra geld nog niet zichtbaar. Om dreigingen in samenhang te bezien en een nationaal veiligheidsbeleid te bevorderen is de Veiligheidsstrategie op papier een belangrijke basis. De minister van Justitie en Veiligheid coördineert die, waarbij de uitvoering is belegd bij verschillende ministeries. Het is alleen niet altijd duidelijk wie de knopen kan doorhakken. Het proces is verkokerd: er is onvoldoende centrale monitoring, bijsturing van de totale voortgang en informatie voor de Tweede Kamer. Daardoor is niet duidelijk of de Veiligheidsstrategie als geheel werkt en in de praktijk tot resultaat leidt. Dat is een kwetsbaarheid.

Dat gebrek aan coördinatie is een terugkerend thema in de veiligheidsonderzoeken. De gevolgen ervan ziet de Rekenkamer bijvoorbeeld bij het Programma Bescherming Noordzee Infrastructuur. De minister van Infrastructuur en Waterstaat zet zich in om kritieke kabels en leidingen op de zeebodem te beveiligen, maar om effectief voor meer veiligheid te zorgen zijn afspraken met andere ministeries nodig. Gebrek daaraan, gecombineerd met te weinig structureel budget, leidt tot een impasse over wie wat doet.

IT-problemen hardnekkig

Veiligheid anno 2026 is meer dan alleen fysieke bescherming. De Rekenkamer ziet vooruitgang op digitaal gebied, maar ook enkele hardnekkige problemen. Vooral als het gaat om autorisatiebeheer en de IT-legacy bij de Belastingdienst. Daarnaast is er aandacht nodig voor de veiligheid en beschikbaarheid van digitale werkplekken bij de serviceorganisatie SSC-IT. Die organisatie levert 58.000 werkplekken voor 9 ministeries. Het is onduidelijk of SSC-IT bij verstoringen op tijd en adequaat kan reageren.

Aanhoudende problemen bij Defensie en strafrechtketen

Het lukt de overheid ook op andere fronten niet om langlopende problemen op te lossen, zodat de basis op orde komt. Voor het vierde jaar op rij constateert de Algemene Rekenkamer dat de beveiliging van militaire objecten onvoldoende is. Gezien de onzekere geopolitieke situatie en het toegenomen belang van defensieobjecten maant de Rekenkamer de minister tot spoed om dit ernstige probleem aan te pakken.

Bij Justitie en Veiligheid trof de Rekenkamer ook ernstige problemen. In de strafrechtketen lopen al jarenlang strafzaken veel te veel vertraging op. Slachtoffers en verdachten wachten lang op de afhandeling van hun zaak. De gevolgen zijn groot, zeker bij jeugd- en zedenzaken. Geen enkele norm voor doorlooptijden van zedenzaken wordt momenteel gehaald. De coördinatie van de minister schiet tekort. De Rekenkamer is hier verontrust over omdat er geen adequaat verbeterplan is om de problemen op te lossen, en beoordeelt het als een ernstige onvolkomenheid.

Geen enkele norm voor doorlooptijden in zedenzaken is gehaald

Op onderdelen is een lichte verbeteringen in doorlooptijden bij zedenzaken te zien. Er is echter nog te weinig verbeterd om te voldoen aan de norm van 80%.