Het basis- en voortgezet onderwijs wordt bekostigd met publiek geld. Hiermee wordt bijvoorbeeld het onderhoud van schoolgebouwen betaald. Ook steekt het Ministerie van OCW extra geld in de verbetering van de kwaliteit van leraren. Wij hebben hier onderzoek naar gedaan.

Recente publicaties

Schoolgebouwen primair en voortgezet onderwijs: de praktijk gecheckt (2016)

Gemeenten en schoolbesturen zijn samen verantwoordelijk voor ongeveer 10.000 schoolgebouwen in het primair en voortgezet onderwijs. Zij hebben te maken met een sterk dalend aantal leerlingen en met de invoering van passend onderwijs. Dat stelt hoge eisen aan lokale samenwerking. Prikkels om gezamenlijk doelmatig te opereren voor de lange termijn ontbreken. Dit komt naar voren uit ons rapport Schoolgebouwen primair en voortgezet onderwijs: de praktijk gecheckt.

Ontwikkelingen in het primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs in beeld (Onderwijsmonitor, 2015)

Sinds 2015 stelt de minister van OCW extra geld beschikbaar voor het primair en voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs. Het extra geld is onder meer bedoeld voor de verbetering van de kwaliteit van leraren. De Tweede Kamer wil de komende jaren geïnformeerd worden over de besteding van dit extra geld. Ook wil de Kamer weten of de kwaliteit van leraren daadwerkelijk verbetert. De Algemene Rekenkamer heeft op verzoek van de Tweede Kamer een dashboard (Onderwijsmonitor) ontwikkeld, dat inzicht biedt in de mate waarin de doelen worden behaald.