Worden EU-subsidies in Nederland volgens de regels besteed?

Het is belangrijk dat geld uit Europa volgens de regels wordt uitgegeven en dat de burger kan zien dat dat ook gebeurt. Het gaat immers om veel geld dat burgers en bedrijven moeten opbrengen.
Elk jaar draagt Nederland zo’n € 8 tot 9 miljard aan de Europese Unie (EU) af (8,9 miljard in 2020 volgens het Financieel Jaarverslag van het Rijk 2020). Volgens de Europese Commissie is dit bedrag overigens aanzienlijk lager. De commissie hanteert een andere definitie dan de Nederlandse regering.

Nederland ontvangt van de EU zogenoemde subsidies in gedeeld beheer. Het gaat om de Europese landbouwfondsen (ELGF en ELFPO), de structuur- en investeringsfondsen (EFRO, ESF, EFMB en EFMZV) en de migratie- en veiligheidsfondsen (AMIF en ISF).

Elk Europees land, dus ook Nederland, beheert het geld dat het uit deze fondsen krijgt samen met de Europese Commissie. Dat betekent dat elk land mede verantwoordelijk is voor een goede besteding. Het moet voor iedereen inzichtelijk zijn dat er nergens is gesjoemeld en dat er geen fouten zijn gemaakt.

Daarnaast ontvangt Nederland ook jaarlijks gelden vanuit EU-programma´s waarbij de Europese Commissie verantwoordelijk is voor het goed functioneren van de systemen en juiste besteding. Het grootste deel van deze gelden gaat naar het Horizon2020 programma voor onderzoek. In de periode 2014-2020 is vanuit dit programma volgens het Horizon2020 dashboard van de Europese Commissie aan Nederlandse organisaties in totaal voor € 4,77 miljard toegekend.

Verantwoording over besteding geld uit Europa in Nederland

De Nederlandse regering neemt haar verantwoordelijkheid voor de besteding van Europees geld serieus. Dat de euro’s die ons land heeft ontvangen uit de EU volgens de regels zijn uitgegeven, verklaren de verantwoordelijke ministers op de derde woensdag in mei, als onderdeel van de verantwoordingsstukken van het kabinet, gericht aan de Staten-Generaal. Tot 2021 gebeurde dat via de Nationale Verklaring, als onderdeel van het Financieel Jaarverslag Rijk. Vanaf 2021, met de verantwoording over controlejaar 2020, gebeurt dat via een aparte EU-paragraaf in de verantwoording van de ministeries die verantwoordelijk zijn voor de fondsen in gedeeld beheer. Dit zijn fondsen waarbij de EU en de lidstaat gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de rechtmatige, doelmatige en doeltreffende besteding van de middelen. Volgens de departementale jaarverslagen over 2020 wijzen de controlerapporten van de auditautoriteit erop dat in Nederland de beheers- en controlesystemen in 2019-2020 naar behoren functioneerden.
In ons rapport bij de Nationale Verklaring controleerden we tot 2021 jaarlijks of de Nationale Verklaring aan de eisen voldoet. 
Vanaf 2021 controleren we de totstandkoming van de EU-paragraaf in de jaarverslagen van de ministeries, als onderdeel van de totstandkoming van de bedrijfsvoering informatie in ons jaarlijkse verantwoordingsonderzoek. De Rekenkamer kan, indien zij dat nodig vindt, aanvullend onderzoek doen naar de rechtmatigheid, doeltreffendheid en doelmatigheid van de betreffende uitgaven.

Geen verantwoording over de besteding van geld in andere EU-lidstaten

Of de Europese subsidies overal in de EU volgens de regels worden uitgegeven, is helaas veel minder duidelijk. Met uitzondering van Zweden hebben de andere EU-lidstaten geen met Nederland vergelijkbare verantwoordingsrapportages over de besteding van EU-middelen in hun land en dat lijkt er voorlopig ook niet van te komen. 

Wel is op Europees niveau geregeld dat elke lidstaat per fonds een samenvatting van de controleresultaten aan de Europese Commissie stuurt (een zogenoemde ‘annual summary’). Deze zijn echter niet openbaar en bovendien zijn het geen formele stukken namens de minister of regering van het betreffende land. De transparantie over de besteding van de subsidies in de EU blijft een belangrijk aandachtspunt voor de Algemene Rekenkamer.

De afdrachten van Nederland aan de EU zijn een optelsom van:

  • de zogenoemde traditionele eigen middelen van de EU (zoals de douanerechten),
  • een percentage BTW-middelen,
  • een bijdrage gebaseerd op bruto nationaal inkomen (bni-percentage).

Het kabinet neemt sinds het jaar 2016 in het Financieel Jaarverslag van het Rijk een aparte passage op over de systematiek van de afdrachten.

Beoordeling EU-uitgaven door de Europese Rekenkamer

De Europese Rekenkamer beoordeelt elk jaar of de uitgaven van de EU volgens de regels (‘rechtmatig’) zijn gedaan. Dit oordeel is nog nooit positief geweest, omdat er te veel fouten worden gemaakt bij de besteding door de EU-lidstaten. Wel is een verbetering zichtbaar.

Tot 2016 gaf de Europese Rekenkamer een afkeurend oordeel over de uitgaven van de Europese begroting. Voor de jaren 2016-2018 gaf de Europese Rekenkamer een oordeel met een beperking af. Het foutenpercentage liep in de periode 2014-2018 terug van circa 4,4% in 2014 naar circa 2,6% in 2018. In haar laatste rapport over verslagjaar 2019 geeft de Europese Rekenkamer weer een afkeurend oordeel. Het foutenpercentage bij de uitgaven was weliswaar maar licht gestegen, maar deze fouten in de uitgaven kwalificeerde de Europese Rekenkamer dit keer ‘van diepgaande invloed’. In haar laatste rapport over verslagjaar 2019 geeft de Europese Rekenkamer weer een afkeurend oordeel. Het foutenpercentage bij de uitgaven was weliswaar maar licht gestegen, maar deze fouten in de uitgaven kwalificeerde de Europese Rekenkamer dit keer ‘van diepgaande invloed’.