Verantwoordingsdag 2018

Toespraak door Arno Visser, president van de Algemene Rekenkamer, bij het aanbieden van de Rapporten bij de jaarverslagen 2017 van de ministeries, aan de Tweede Kamer op Verantwoordingsdag 2018.

Mevrouw de voorzitter,

Dank voor uw uitnodiging om ons onderzoek naar de verantwoording hier toe te lichten. Het is de 19e keer dat wij dat mogen doen.

Laat ik beginnen met de spanning bij de minister van Financiën weg te nemen. 
De Algemene Rekenkamer keurt de Rijksrekening goed. Meer dan 99% van de uitgaven en inkomsten is rechtmatig.  Dat is goed nieuws:  weer minder onrechtmatigheden. Een compliment waard. 
Ook met de slotwetten gaat het steeds beter. Uw Kamer hoeft dus minder dan voorheen uitgaven goed te keuren die vooraf niet waren geautoriseerd.
Weer minder onrechtmatigheden, weer een compliment waard. 

Nu wordt de minister onrustig en denkt: “Altijd gevaarlijk, een speech die met complimenten begint”. 
 
In de bedrijfsvoering komen we bijna evenveel ‘onvolkomenheden’ tegen als vorig jaar, namelijk 35. Net als voorgaande jaren is een flink deel daarvan veroorzaakt door de problemen bij de Belastingdienst. Trajecten zijn in de vertraging, alweer. 
Het zal echt nog jaren duren voordat dit op orde is. Dan wil ik u wijzen op twee ernstige onvolkomenheden dit jaar. Ik licht er één uit. 

Tijdens ons onderzoek stuitten we op een bijzonder probleem bij de Rijksdienst Caribisch Nederland. Het ging om informatiebeveiliging. Kort gezegd; we troffen een achterdeur aan die niet op slot was en wellicht al lange tijd op een kier stond. 
We hebben daarom voor het eerst in jaren bezwaar aangetekend en de minister van BZK een maand gegeven te reageren. In de reactie van de minister wordt bevestigd, dat de achterdeur bij die Rijksdienst inderdaad lange tijd op een kier heeft gestaan. Totdat wij dat constateerden en bezwaar maakten!  Inmiddels heeft de minister maatregelen genomen en de deur gesloten. 
We hebben daarom ons bezwaar opgeheven.

Voorzitter,

Veel van de problemen in de bedrijfsvoering hebben net als vorig jaar te maken met het thema informatiebeveiliging. Dit jaar is dat bij 9 departementen en bij de Tweede Kamer een probleem. De samenleving is in hoge mate afhankelijk van diensten van de rijksoverheid. Die diensten worden digitaal georganiseerd.
Dat vereist dat de rijksoverheid de informatiebeveiliging op orde heeft.
Vorig jaar ontkenden vier ministers nog dat er problemen waren. 
Nu doet geen van de ministers dat. Dat is dan wel weer beter dan vorig jaar. 

Het oplossen van een probleem begint altijd met het erkennen ervan. 
We verwachten dat in een tijd waarin digitale criminaliteit, digitale spionage en cyberoorlog een reëel risico zijn, informatiebeveiliging hoog op de politieke agenda staat. Stilstand kan achteruitgang zijn. Dus negen onvolkomenheden, dat geeft een serieus probleem aan.

Voorzitter, dit is wat we volgens de wet moeten onderzoeken en waarover we het parlement moeten informeren: controle op rechtmatigheid en onderzoek naar de bedrijfsvoering. Is daarmee voldoende gezegd voor u om de ministers décharge te verlenen? Ja, formeel gezien wel. 
Maar ik hoop dat uw belangstelling verder reikt.

Vorig jaar vertelde ik u over Mme Bovary, het beroemde boek van de Franse schrijver Gustave Flaubert. In dat boek stapt een getrouwde vrouw in een koets met een man die niet haar echtgenoot is. Ze rijden weg met de gordijnen gesloten. Wat binnen gebeurt, wordt aan de verbeelding van de lezer overgelaten. Er staat niets over op papier. Het boek werd desondanks zo schandalig gevonden, dat het op de zwarte lijst gezet werd: een verboden boek. Daarmee trapten de lezers in de literaire val van Flaubert. Het was de inbeelding en de fantasie van de aanklagers zelf die bloot werd gelegd. Want er staat helemaal niets onoorbaars op papier.
Ik stelde u vorig jaar de retorische vraag of het wenselijk is dat u moet fantaseren over het presteren van het Rijk, omdat er niets op papier staat. Want bij veel onderwerpen geldt: als u in de verantwoordingsstukken op zoek gaat naar prestaties of bereikte resultaten, zult u vaak tot die conclusie komen: het staat er niet. Gesloten gordijnen.

 Voorzitter, verbeelding en fantasie horen bij de literatuur. Politiek is wat anders. 
‘Fact free politics’ vormen geen aanlokkelijk perspectief. Dat is het tweede verhaal dat ik wil vertellen op Verantwoordingsdag. Overigens, dit is by far de best bezochte verantwoordingsdag ooit. 
Period!
Waar het om gaat is dat we verwachten dat in de jaarverslagen van de ministers wel staat wat er precies gebeurd is.  Zodat iedereen wel kan zien of het beleid het beloofde resultaat heeft opgeleverd. En dat is uit de jaarverslagen die de minister u net heeft aangeboden vaak moeilijk op te maken. 
De cruciale vraag is: hoe zijn we bezig en willen we op de ingeslagen weg verder? 
De vraag is: wat is de route tussen de 3e woensdag van mei vandaag en de 3e dinsdag van september en verder?

Mevrouw de Voorzitter,

Een voormalig minister van OCW zei: “Een goed jaarverslag is niet het einde van een jaarcyclus. Het is het begin van een discussie”. Krijgt de burger waar voor zijn geld? Dát is die discussie. Maar het antwoord blijkt vaak niet uit de jaarverantwoording van de ministers. En ook na ons onderzoek blijft nog veel onzeker. 

Tegelijkertijd is de hoeveelheid informatie die we dankzij nieuwe technologie kunnen verzamelen, verwerken en analyseren nog nooit zo groot geweest! We leven in het informatie- en coammunicatietijdperk. Kunt u op basis van de informatie die u vandaag wordt aangereikt, bepalen hoe de route van vandaag verder loopt via de 3e dinsdag in september? Laat ik met die vraag in het achterhoofd een drietal bevindingen uit ons onderzoek langslopen.
 
Als eerste. Neem het beleid van de minister van SZW om mensen met een uitkering aan het werk te helpen.  Daarvoor werd aan het UWV 206 miljoen euro beschikbaar is gesteld. Daarvan zou ruim 25% niet zijn besteed. Maar de minister meldt in zijn jaarverslag niet dat het UWV veel minder re-integratietrajecten en werkvoorzieningen heeft ingekocht dan verwacht. 
Dit bleek wel uit ons onderzoek. Het is niet te achterhalen uit het jaarverslag. 
Laat staan dat duidelijk is wat wel en wat niet is bereikt met die ingekochte trajecten. 

En toch moet u weten wat de resultaten zijn, om te bepalen of u op Prinsjesdag opnieuw 206 miljoen euro wilt reserveren voor dit beleid. 
In het jaarverslag vindt u het antwoord niet.

Het tweede voorbeeld: het samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit waarin Rijk, provincies en gemeenten samen werken aan schonere lucht. Vorig jaar concludeerden we al dat niet duidelijk was of met hetzelfde geld meer bereikt had kunnen worden, of hetzelfde bereikt had kunnen worden met minder geld. 
En toch is dat de politieke hamvraag. De Algemene Rekenkamer onderzocht nu als eerste de samenhang tussen de kosten en resultaten van acht maatregelen uit dat programma. Uit ons onderzoek blijkt dat deze maatregelen hebben geleid tot 2 procent minder uitstoot van schadelijke uitlaatgassen. De kosten hiervan waren 400 miljoen euro. De gezondheidswinst is gering. Wij concluderen dat de minister met minder geld waarschijnlijk hetzelfde had kunnen bereiken. 
Maar wanneer u het jaarverslag van de minister bekijkt zult u zien: het staat er niet.
Dan een heel ander voorbeeld. We hebben ook gekeken naar het beheer van publiek vastgoed. Wij komen tot de conclusie dat de beoogde bezuiniging van 136 miljoen euro niet gehaald zal worden. Wij komen ook tot de conclusie dat de uitvoeringskosten niet afnemen: ze nemen juist toe. 
En we komen tot de conclusie, dat de verkoop van 83 panden niet 102 miljoen euro heeft opgeleverd. Nee, er is de jaren voorafgaand aan de verkoop versneld 100 miljoen extra afgeschreven. Dus de opbrengst ten opzichte van de boekwaarde voorafgaand aan de verkoopplannen was maar 2 miljoen euro. Zou u zich verlaten op het jaarverslag, dan had u dit niet geweten. 
Het jaarverslag vertelt het niet. 
Terugkerend probleem is dat we relevante informatie niet langs krijgen ter beoordeling. U weet het niet, wij weten het niet, de burger weet het niet. En de minister soms ook niet. 

 Voorzitter, 

Ik hoef u niet te vertellen hoe belangrijk informatie is voor uw werk. 
Toch blijkt uit ons onderzoek steeds weer dat de informatie die u nodig heeft om vooruit te kijken er niet is. Geld is moeilijk of soms zelfs niet te volgen. Resultaten van beleid zijn vaak niet bekend. Of de resultaten zijn niet te koppelen aan geld. 
En soms is zelfs niet bekend hoeveel geld iets heeft gekost. 

En toch leven we in een tijdperk van ongebreidelde mogelijkheden van informatie- en communicatie. Dat vinden wij niet raar … dat vinden we vooral heel bijzonder – zou juf Ank zeggen.

Dames en heren,

De rechtmatigheid is op orde. De bedrijfsvoering is veel beter dan 10 à 15 jaar geleden. 
De volgende stap is beter inzicht publiek geld en de maatschappelijke resultaten die ermee worden bereikt. Daarbij hoort allereerst: een compleet zicht op publiek vermogen en de kosten daarvan: wegen, bruggen, straaljagers, fregatten, pantservoertuigen en onroerend goed. We zien dat er initiatieven zijn om feiten beter in beeld te brengen. 

Er wordt gekeken naar of een baten-lastenstelsel  “eventueel” kan worden ingevoerd. En er is een operatie Inzicht in Kwaliteit. Denk ook aan het vrijgeven van open data. Kijk naar het initiatief waarstaatjegemeente.nl. 
En vanmiddag ontvangt u de monitor brede welvaart van het CBS. Het zijn allemaal stappen in de goede richting: en toch …. Heeft u nu die koets met open gordijnen? 

Ik vrees dat – onbedoeld! – iets anders gebeurt. U krijgt geen glazen koets, er dreigt een toekomst van verkokerd verantwoorden. U krijgt 4 koetsen! 
In de eerste koets rijdt de minister van Financiën. Hij geeft u inzage in de goedgekeurde rijksrekening. Die bedraagt 228 miljard. Niet het bedrag uit de voorjaarsnota. Die gaat over veel meer. Het voorste gordijntje gaat dus deels open.

Daarachter de tweede koets met de minister van Binnenlandse Zaken die u meer vertelt over de rijksdienst, het rijkspersoneel en het rijksvastgoed. Het linker gordijntje gaat deels open. Vervolgens de derde koets met de minister van Economische Zaken (en Klimaat) die uit het rechterraampje zwaait. 
Hij roept dat er later vandaag - los van de stoet - een modern voertuig arriveert die een monitor met maatschappelijke ontwikkelingen mee brengt. Vraag niet wat de relatie is met de eerste koets. 

Er is nog een vierde koets, en dat is die van de minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking.  Zij opent namelijk de gordijnen van het achterraampje waarin we kunnen volgen of de Sustainable Development Goals van de VN in 2030 worden gerealiseerd. Dat zijn 4 koetsen en 4 geopende gordijntjes. 
Maar we zien niet alles en we weten niet zeker of we steeds naar hetzelfde kijken. 
En op dat moment ontvangt u een brief van de minister van Algemene Zaken die schrijft: u heeft al een hele stoet, een karavaan, mijn koets voegt daar niets aan toe.
Voorzitter, genoeg over koetsen. Feit is dat we te vaak te veel niet weten.
Het staat er niet. U kunt de route naar de 3e dinsdag van september vaak niet vinden in de jaarverslagen. Het is aan u om te bepalen of u hier - precies 30 jaar na uw initiatief om de cijfers op orde te brengen - genoegen mee neemt. 

Of dat u net als 30 jaar geleden de handschoen op pakt, de genoemde initiatieven verder uitwerkt, die samenbrengt tot één geheel en het ziet als opmaat naar integrale verantwoording.