Meer huurtoeslagen, bezuiniging op apparaatskosten nog uitdaging

In een brief aan de Tweede Kamer wijst de Algemene Rekenkamer op 16 oktober 2014 op een aantal aspecten naar aanleiding van de begroting 2015 van het Ministerie voor Wonen en Rijksdienst. Deze brief past in een reeks waarin de Algemene Rekenkamer tot medio november opvallende punten bij de departementale begrotingen toelicht.

In deze brief wordt onder meer ingegaan op de stijgende uitgaven voor de rijksoverheid aan huurtoeslagen. Toen er nog een individuele huursubsidie bestond, was deze jaarlijkse uitgave voor het Rijk tamelijk stabiel. Sinds de huurtoeslag in 2006 is geïntroduceerd stijgen de uitgaven van circa €2 miljard naar dit jaar € 3 miljard en in 2019 € 4 miljard. Meer burgers vragen huurtoeslag aan en de bedragen worden hoger door dalende inkomens en stijgende huren.
De brief gaat ook in op de ontwikkelingen bij de bedrijfsvoering Rijk. Daarbij komen onder meer de apparaatskosten (personele en materiële kosten van de ambtelijke organisatie) aan de orde. Het huidige kabinet wil hierop € 1,1 miljard besparen bovenop kortingen van ruim € 3 miljard van de vorige kabinetten. Ondanks duidelijk lagere uitgaven in 2011 zijn de apparaatskosten in de vergelijking 2009-2013 per saldo met 0,2 miljard gedaald (exclusief de uitgaven voor de krijgsmacht en de rechterlijke macht). Afgezet tegen de taakstelling van opgeteld € 4,1 miljard omschrijft de Algemene Rekenkamer de realisatie als ‘nog een forse uitdaging’.