Achtergronddocument over verantwoording en toezicht bij organisaties op afstand van het Rijk

Het grootste deel van het rijksoverheidsbeleid wordt uitgevoerd door organisaties en personen die geen onderdeel zijn van het Rijk.

De Algemene Rekenkamer doet al twintig jaar onderzoek naar verantwoording en toezicht bij deze organisaties en geeft in het rapport "Verantwoording en toezicht bij organisaties op afstand van het Rijk; Achtergronddocument 2012" een beeld van de stand van zaken. Het geeft inzicht in de veelvormigheid en de omvang van die schil aan organisaties op afstand die wettelijke taken uitvoeren, publieke belangen behartigen en publiek geld besteden.

Trends in relaties tussen Rijk en derden

De relaties tussen Rijk en derden veranderen voortdurend. We zien twee algemene trends, die zich ook de komende jaren zullen voortzetten. 

De eerste trend is de grillige en onvoorspelbare verschuiving tussen publiek en privaat tussen en binnen organisaties, bijvoorbeeld in rechtsvormen, taken en in financieringsstromen. We zien tegenstrijdige ontwikkelingen in de verhouding tussen publiek en privaat, en overkoepelend en samenhangend beleid ontbreekt. Organisaties die nooit publiek zijn geweest, zoals banken, worden genationaliseerd en private organisaties worden strenger onderworpen aan publieke regelgeving en toezicht (denk aan topsalarissen, woningcorporaties, hbo-instellingen).Aan de andere kant worden voorheen publieke taken zoals toezicht of veiligheidszorg steeds vaker overgedragen of uitbesteed aan de private sector, bijvoorbeeld het toenemend gebruik van certificering of de toename van private beveiligingsdiensten. Daarnaas treedt juist op andere terreinen een toenemende verstrengeling van publiek en privaat op, zoals in complexe financiële relaties en constructies, in allerlei vormen van geïntegreerde dienstverlening (wonen, zorg en welzijn) of bij publiek-private samenwerkingsvormen (infrastructuur en kennis en innovatie).

De tweede trend die we signaleren is internationalisering. Europese wet- en regelgeving dringen steeds dieper door in nationale reguleringsstelsels. Op het terrein van toezicht en verantwoording is bijvoorbeeld een sterke opkomst van regulators en toezichthouders voor de financiële markten en de luchtvaart. Ander voorbeeld is de ‘inkadering’ door Europa van certificering- en accreditatieinstellingen. Ook voor mededinging en staatssteun is bij instellingen op afstand en in publiek-private samenwerkingsprojecten een sterke doorwerking zichtbaar van Europees beleid (denk bijvoorbeeld aan de woningcorporatiesector of de elektriciteitssector). Ten slotte zijn op steeds meer terreinen aanbieders onderdeel van een internationaal concern (gasbedrijven, vervoersbedrijven, zorgverzekeraars). Hierbij wordt de behartiging van vitale nationale publieke belangen in toenemende mate onderdeel van de bedrijfsmatige afwegingen van multinationale bedrijven.