U bevindt zich op: Home › Publicaties › Verantwoordingsdag 2011
Ter gelegenheid van Verantwoordingsdag 2011 heeft de president van de Algemene Rekenkamer, Saskia J. Stuiveling, de leden van de Tweede Kamer toegesproken. Na de aanbieding door minister De Jager (Financiën) van de jaarverslagen van de ministeries en het Rijk gaf zij een toelichting op de rapporten van de Algemene Rekenkamer bij de jaarverslagen en het rapport Staat van de rijksverantwoording 2010.
Mevrouw de Voorzitter, Leden van de Tweede Kamer, Minister De Jager,
Hartelijk dank, mevrouw de Voorzitter, voor de uitnodiging om
hier in uw midden een toelichting te geven op de rapporten die wij
vandaag aan u aanbieden.
Verantwoordingsdag 2011 ziet eruit zoals te doen gebruikelijk,
maar alles is eigenlijk anders sedert vorig jaar.
Minister De Jager zat hier vorig jaar ook, maar was toen minister
in het demissionaire kabinet-Balkenende IV.
U zat er ook, maar als voorzitter van de vorige Tweede Kamer. Ik
stond er ook, maar als president van een ander college. Collega
Gijs de Vries is vertrokken naar de Europese Rekenkamer en sinds
enkele weken is het college hier weer compleet met het aantreden
van Kees Vendrik.
Ook Caribisch Nederland is sinds de vorige Verantwoordingsdag
anders dan voorheen: sinds 10.10.10 kennen we daar drie eilanden en
drie landen, met elk een eigen Rekenkamer: dank voorzitter dat als
uw gast vandaag ook de kersverse voorzitter van de Algemene
Rekenkamer van Sint Maarten, de heer Roland Tuïtt, hier in de zaal
erbij mag zijn.
En er is nog meer anders dan voorheen: De verantwoording over
het boekjaar 2010 die vandaag aan de orde is, gaat immers
grotendeels over cijfers en maatregelen die nog horen bij het
vorige kabinet.
Sinds 14 oktober 2010 is het kabinet-Rutte/Verhagen aan de slag en
is de rijksdienst anders ingedeeld, met 11 in plaats van 13
departementen, en daarmee is ruim € 150 miljard in termen van
ministeriële verantwoordelijkheid “verplaatst”. En er zijn
ingrijpende bezuinigingen ingezet.
Van het allergrootste belang dus dat we overzicht houden, want:
geen overzicht - geen inzicht. In het houden van dat
overzicht – en het op die manier bijdragen aan een goede
informatiepositie voor de Tweede Kamer – heeft de Algemene
Rekenkamer voor deze Verantwoordingsdag extra energie gestopt.
Naast deze doos met de 28 rapporten bij de jaarverslagen en de
Staat van de rijksverantwoording 2010 heb ik straks dan ook nog een
paar boodschappen voor u.
Maar eerst onze rapporten bij de jaarverslagen en bij het
financieel jaarverslag Rijk 2010.
Ik begin met goed nieuws: de rechtmatigheid. Net als de
afgelopen jaren is in 2010 de rechtmatigheid van de verplichtingen,
ontvangsten en uitgaven van het Rijk van hoog niveau. Wij
signaleren een marginale stijging van het geheel aan fouten en
onzekerheden, maar tezamen blijft het allemaal ruim binnen de
grenzen. Ik kan u dan ook melden dat de Algemene Rekenkamer de
Rijksrekening en de Saldibalans van het Rijk 2010 heeft
goedgekeurd.
Zoals gebruikelijk geldt er één voorbehoud: de Staten-Generaal moet de wetsvoorstellen van de bij de Rijksrekening behorende slotwetten nog aannemen.
Minder positief zijn wij over de beleidsinformatie. De beschikbaarheid en bruikbaarheid van de beleidsinformatie zijn in 2010 helaas niet toegenomen. Onze aanbeveling aan u is om hier bij de komende begrotingsbehandelingen in het najaar werk van te maken. Hoe beter u in staat bent concrete beleidsafspraken vast te laten leggen in de begrotingen, hoe groter de kans dat u bruikbare verantwoordingsinformatie krijgt na afloop van het jaar. Die informatie is uiteraard nodig om uw controlerende taak goed te kunnen vervullen. Maar ook de burger heeft er recht op te weten wat er met het belastinggeld is bereikt. En tijden van bezuinigingen stellen extra hoge eisen aan soberheid, efficiency en effectiviteit – maar dan moet je daar wel de goede informatie over aangeleverd krijgen.
Ten slotte de bedrijfsvoering in 2010.
Onze conclusie voor het rijksbrede beeld is, dat de bedrijfsvoering
redelijk op orde is, mede omdat zowel het Ministerie van
Buitenlandse Zaken als het Ministerie van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid in 2010 vooruitgang hebben laten zien.
Twee departementen springen er wat ons betreft uit :
Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Defensie.
Voor het twaalfde jaar op rij is het subsidiebeheer bij VWS niet op
orde. VWS verstrekt ongeveer 4.400 subsidies, in totaal voor 2,3
miljard euro per jaar. Wij kwalificeren het als een ernstige
onvolkomenheid door alle varianten van onzorgvuldigheid in de
administratie: dossiers zijn incompleet, termijnen worden
overschreden, argumentatie ontbreekt, gebreken in verantwoording en
controle. Er gaat zoveel fout, dat de effectiviteit van de
subsidies niet of moeilijk is na te gaan. Zeker in tijden van
bezuinigingen is dat ernstig. Vanwege de hardnekkigheid van dit
probleem hebben we ons zwaarste middel ingezet: we hebben bezwaar
gemaakt tegen het subsidiebeheer van VWS. De minister van VWS heeft
ons een verbeterplan voorgelegd waarmee wij akkoord zijn gegaan.
Wij hebben de minister gevraagd u voor 1 oktober as. te informeren
over de voortgang daarvan. Tot zover VWS.
Dan het Ministerie van Defensie.
Vorig jaar constateerden wij dat Defensie met inzet werkte aan de
zeer noodzakelijke verbeteringen, defensiebreed, in het financieel
en materieelbeheer. Defensie kent ook in 2010 verreweg de
meeste onvolkomenheden, 22 om precies te zijn. De
verbeterplannen zijn doorgezet, maar er is enige vertraging
opgetreden vooral bij het materieelbeheer.
De uitgangssituatie van de afgesproken verbeteringen is echter
intussen drastisch gewijzigd door de diepingrijpende bezuinigingen
en reorganisaties. De verbeterplannen moeten dan ook worden
herijkt. De Algemene Rekenkamer heeft daarom de minister aanbevolen
de verbetering van het beheer integraal onderdeel uit te laten
maken van die reorganisatieplannen. De minister van Defensie geeft
aan dat hij onze zienswijze deelt. Als het goed is krijgt u
voortaan als onderdeel van de voortgangsrapportages op het terrein
van de bezuinigingen tevens informatie over de vooruitgang
van het beheer.
Tot zover Defensie.
Naast de jaarverslagen hebben wij ook een aantal zaken
rijksbreed onderzocht. Voor één van die kwesties vraag ik uw
aandacht omdat onze bevindingen een wijdere strekking hebben.
Het betreft P-Direkt, het digitale, centrale personeelssysteem van
bijna alle ministeries. Hier verdient de rol van de minister van
BZK extra aandacht. Als coördinerend minister moet hij ervoor
zorgen dat het systeem op orde is voordat het geïmplementeerd wordt
bij de departementen. Bovendien moet hij erop toezien dat de
departementen hun eigen beheer op orde hebben, voordat zij
overstappen op P-Direkt. We constateren dat dit beslist niet
vlekkeloos is verlopen. Er zijn hieruit belangrijke lessen te
trekken voor de introductie van elke zogenaamde shared service voor
de rijksdienst. Voor je het weet rol je namelijk geen oplossingen
rijksbreed uit, maar problemen.
Mevrouw de voorzitter, ik heb u aan het begin nog een paar boodschappen beloofd om de Kamer te helpen overzicht te houden:
…..want ook de Algemene Rekenkamer let op de kleintjes.
Ik dank u voor uw aandacht en wij zien uit naar het Verantwoordingsdebat.