U bevindt zich op: Home › Publicaties › Onderzoeksrapporten
Verantwoording Samenwerkende hulporganisaties (SHO) over geld voor Haïti is verbeterd.
De Algemene Rekenkamer vindt dat de verantwoording over besteding van Giro 555-gelden is verbeterd. Dat blijkt uit het rapport ‘Verantwoording van de hulpgelden 2010 voor Haïti’ dat op 15 november 2011 verschijnt. De Algemene Rekenkamer vergeleek de verantwoording 2010 over de Haïti-gelden met de verantwoording over de tsunami-gelden uit 2008. Voor het eerst leggen de deelnemers aan de SHO (Samenwerkende Hulporganisaties) verantwoording af over het ontvangen Giro 555-geld voor Haïti. De rapportages van de deelnemende organisaties laten nu het verband zien tussen het Giro 555-geld, de activiteiten die zij hiermee financieren en de mensen die de hulp ontvangen.
Rapport Verantwoording van de hulpgelden 2010 voor Haïti
PDF, 960 kB
We concluderen dat de SHO de
bestedingen verantwoordt volgens de afspraken die in het nieuwe
beheersplan zijn bepaald en dat hierdoor de kwaliteit en kwantiteit
van de inhoudelijke en financiële verantwoording verbeterd is ten
opzichte van vorige giro 555-acties. We concluderen verder dat de
verantwoording van het Ministerie van BuZa over de verstrekte
subsidie van € 12 miljoen in 2010 conform de afspraken is. Het
toezicht van het Ministerie van BuZa op de besteding van de
middelen door de SHO is nog niet helemaal afgerond. Het ministerie
is nog bezig met de beoordeling van de jaarrekeningen en
accountantsverklaringen van de SHO en de hulporganisaties.
Voorts zijn we van mening dat de verantwoording van de SHO verder
verbeterd kan worden op de volgende punten:
We bevelen de SHO aan om:
Reactie van de SHO
De SHO hecht grote waarde aan dit rapport en is
blij met de conclusie dat de SHO de opbrengst van Giro 555 volgens
de afspraken heeft verantwoord en dat de rapportages inzichtelijker
zijn geworden. De SHO benadrukt dat SHO-deelnemers de ingezamelde
gelden inzetten via eigen kanalen (veldkantoren, internationale
koepelorganisaties of lokale partners) in een breder hulpprogramma.
Het geld wordt daarmee onderdeel van een grote internationale
geldstroom. De Algemene Rekenkamer geeft aan dat de geldstroom
zichtbaar moet worden tot bij de veldkantoren en internationale
koepelorganisaties. Daarna wordt de Nederlandse euro onderdeel van
een internationale geldstroom die niet volgbaar is tot op de
eindbestemming. De SHO beschouwt dit niveau tot waar de Nederlandse
euro gevolgd moet kunnen worden als werkbaar.
De SHO heeft opmerkingen bij enkele passages in het rapport:
Bij het hanteren van de verdeelsleutel heeft de SHO bij de laatste
overboeking aan de deelnemers rekening gehouden met de kasbehoefte
van de deelnemers. Deze berekening is niet opgenomen in de derde
publieksrapportage, maar de SHO heeft deze berekening wel gedeeld
met het Ministerie van BuZa, dat deze handelwijze vervolgens heeft
goedgekeurd.
Over het specificeren van de kosten voor programmamanagement zegt
de SHO dat de werkwijze van de organisatie, via partners dan wel
via een internationale koepel, bepalend is voor het toeschrijven
van de kosten.
De SHO onderschrijft vier van de vijf aanbevelingen en zal die
meenemen in de volgende SHO-rapportages. De SHO neemt de
aanbeveling om het format jaarrekeningen op te nemen in de
accountantscontrole niet over en plaatst vraagtekens bij de
toegevoegde waarde ervan. De SHO wijst op de extra administratieve
lasten als het format onderdeel wordt van de accountantscontrole en
is van mening dat de bestaande beheersmaatregelen en controles bij
de SHO-deelnemers voldoende waarborgen bieden voor de
betrouwbaarheid van de financiële informatie.
Reactie van de staatssecretaris van Buitenlandse Zaken
De staatssecretaris beschouwt de aanbevelingen van
de Algemene Rekenkamer als nuttig voor de verdere verbetering van
de verantwoording. Hij zal ze betrekken bij het regulier
beleidsoverleg met de SHO en er waar mogelijk rekening mee houden
bij eventuele toekomstige bijdrages aan de SHO. De staatssecretaris
kondigt aan dat het toezicht van het Ministerie van BuZa op de
subsidie die de SHO ontvangen heeft voor de actie in Haïti eind
2011 beëindigd zal worden.
Meer informatie
Reactie |
15-11-2011
|
PDF, 291 kb
Reactie |
15-11-2011
|
PDF, 564 kb
Kamerbrief | 22-03-2012
Nieuwsbericht | 15-11-2011 | Verantwoording van de hulpgelden 2010 voor Haïti
De Algemene Rekenkamer vindt dat de verantwoording over besteding van Giro 555-gelden is verbeterd. Dat blijkt uit het rapport ‘Verantwoording van de hulpgelden 2010 voor Haïti’ dat op 15 november 2011 verschijnt. De Algemene Rekenkamer vergeleek de verantwoording over de Haïti-gelden met de verantwoording over de tsunami-gelden uit 2008. Voor het eerst leggen de deelnemers aan de SHO (Samenwerkende Hulporganisaties) verantwoording af over het ontvangen Giro 555-geld. Bovendien laten de rapportages van de deelnemende organisaties nu het verband zien tussen het Giro 555-geld, de activiteiten die zij hiermee financieren en de mensen die de hulp ontvangen.
Reactie |
15-11-2011
|
PDF, 564 kb
Reactie |
15-11-2011
|
PDF, 291 kb
Rapport |
15-11-2011
|
PDF, 960 kb
|
Verantwoording internationale hulp
15-11-2011 |
PDF, 960 kB