U bevindt zich op: Home Publicaties Onderzoeksrapporten

Kredietcrisis en EU-landencrisis: Interventies en vervolg

Vijfde rapportage: vierde kwartaal 2010 en eerste kwartaal 2011

De Algemene Rekenkamer volgt de voornaamste interventies en arrangementen van het Ministerie van Financiën in het kader van de kredietcrisis en de EU-landencrisis. De vijfde voortgangsrapportage beslaat het vierde kwartaal van 2010 en het eerste kwartaal van 2011. Eerdere rapportages over de kredietcrisis publiceerden we op 14 december 2010, 19 mei 2010, 14 januari 2010 en 19 mei 2009. Deze vijfde rapportage bestaat uit een beknopt rapport en uitgebreid achtergronddocument.

Rapport Kredietcrisis en EU-landcrisis: interventies en vervolg PDF, 1667 kB


Over het rapport

Kredietcrisis

Evenals in de vorige rapportages hebben we gekeken naar de volgende interventies/arrangementen in het kader van de kredietcrisis:

  • Deelneming van de staat in Fortis/ABN AMRO.
  • Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (ING, AEGON en SNS REAAL).
  • Garantiefaciliteit voor bancaire leningen.
  • Verruiming van het depositogarantiestelsel.
  • Voorfinanciering van de uitkering depositogarantiestelsel IJsland.
  • Back-upfaciliteit ING.

Uit de vijfde rapportage blijkt dat het financieel risico voor de Nederlandse staat eind 2010 ongeveer € 94 miljard bedroeg. Dit bedrag bestaat uit 41 miljard (€ 28 miljard deelnemingen, € 7 miljard kapitaalvertrekkingen en € 6 miljard leningen), € 13 miljard back-upfaciliteit ING en € 40 miljard garanties. Eind 2009 bedroeg het risico € 139,3 miljard.
De uitgaven als gevolg van de kredietcrisis (inclusief rentekosten staat) na aftrek van de ontvangsten over de periode 2008 t/m 2010 bedragen circa € 41 miljard.

Omhoog

EU-landencrisis

In dit rapport is een hoofdstuk opgenomen over de financiële risico’s die de Nederlandse staat loopt vanwege getroffen maatregelen door de zogenoemde EU-landencrisis. Hieronder valt de financiële steun aan Griekenland van maximaal € 110 miljard voor de periode 2010-2014. Het Nederlandse aandeel hierin is maximaal € 4,7 miljard.

Daarnaast zijn in mei 2010 twee Europese stabiliseringsmechanismen ingesteld, die op termijn moeten worden samengevoegd in het European Stability Mechanism (ESM). Hieruit kan maximaal € 500 miljard worden geleend. Nederland garandeert maximaal € 28,8 miljard van deze leningen. Ierland ontvangt een hulpprogramma dat deels uit de stabiliseringsmechanisamen wordt gefinancierd. Verder wordt gewerkt aan de versterking van het budgettair en economisch toezicht binnen de EU.

Omhoog

Controlebevoegdheden

In een van de bijlagen bij het rapport gaan we in op onze controlebevoegdheden. We zijn namelijk beperkt bevoegd om bij financiële instellingen onderzoek te doen naar de maatregelen die het Ministerie van Financiën heeft genomen in het kader van de kredietcrisis. In een van haar aanbevelingen gaat de parlementaire commissie onderzoek financieel stelsel (commissie-De Wit) in op onze controlebevoegdheden. De commissie beveelt aan dat de wetgever actie onderneemt en belemmeringen weghaalt, als mocht blijken dat we in ons onderzoek worden beperkt door de geheimhoudingsbepalingen uit de Wet financieel toezicht (Wft). Hierover heeft de minister van Financiën voorlichting aangevraagd bij de Raad van State. Op 27 april 2011 meldde hij dat de voorlichting is ontvangen en dat het kabinet hierover met spoed een besluit neemt.

Omhoog

Reactie

De minister geeft in zijn reactie op ons rapport aan dat hij met belangstelling kennis heeft genomen van onze vijfde rapportage en dat hij geen opmerkingen heeft.

Meer informatie

Stand van zaken

 

Volledige versie