Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Publicaties Onderzoeksrapporten Rechtmatigheidsonderzoek 2009

Rapport bij het Jaarverslag 2009 van het Ministerie van Jeugd en Gezin

De Algemene Rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar het Jaarverslag 2009 en de bedrijfsvoering van het Programma voor Jeugd en Gezin (J&G). De Algemene Rekenkamer constateert dat de minister voor Jeugd en Gezin transparant verantwoording aflegt over de rechtmatigheid van de begrotingsuitvoering, de bedrijfsvoering en de realisatie van zijn beleid. Verder voldoet de financiële informatie in het jaarverslag aan de eisen.

Rapport PDF, 3151 kB


Oordeel over het jaarverslag

Ook dit jaar heeft J&G samen met een aantal andere departementen meegedaan aan een jaarverslagexperiment om de jaarverslagen meer focus en politieke zeggingskracht te geven, de verantwoordingslasten te verminderen en de Tweede Kamer beter te bedienen. We constateren dat de minister voor Jeugd en Gezin in het Jaarverslag 2009 transparant verantwoording aflegt over de realisatie van zijn beleid, al trekt hij nog niet bij alle kabinetsprioriteiten beleidsconclusies. Omdat Jeugd en Gezin relatief kort bestaat, raden wij wel aan om het programma te evalueren. Zo kan de minister lessen trekken voor Jeugd en Gezin zelf en eventuele andere nieuwe programma’s. 
Als praktijktoets hebben we onderzocht of de afgesproken caseloadreductie per gezinsvoogd van gemiddeld vijftien cliënten is bereikt. Dat is het geval, maar het beoogde effect daarvan (meer tijd voor de cliënt), valt tegen.
Tot slot hebben we vastgesteld dat de informatie over het prestatiegegeven ‘aantal gemeenten met een Centrum voor Jeugd en Gezin’ op deugdelijke wijze tot stand is gekomen en voldoet aan de verslaggevingseisen. Wel kan de controleerbaarheid van de beleidsinformatie in het jaarverslag verbeterd worden.

Over het Ministerie voor J&G

De minister voor Jeugd en Gezin is verantwoordelijk voor een kind- en gezinsvriendelijk beleid dat wordt gedragen door ouders, families, onderwijzers, professionele hulpverleners, gemeenten, provincies en het Rijk. Hij is verantwoordelijk voor onder andere jeugdzorg, jeugdbescherming, jeugdgezondheidszorg, zorg op school en het gezinsbeleid. Hiermee kiest het kabinet naar eigen zeggen voor een nieuwe aanpak. Deze aanpak maakt regie, samenwerken en het overstijgen van deelbelangen in het belang van jeugd en gezinnen mogelijk.
De minister voor Jeugd en Gezin heeft geen eigen ministerie. De ministers van Justitie, van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW), van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) zijn verantwoordelijk voor de bedrijfsvoering die samenhangt met de begrotingsuitvoering van Jeugd en Gezin. De begroting Jeugd en Gezin bestaat alleen uit programma-uitgaven. De geldstromen van Jeugd en Gezin in 2009 lopen via de departementale administraties en begrotingsboekhoudingen van de Ministeries van SZW, VWS, Financiën en Justitie.
De uitgaven van Jeugd en Gezin bedroegen in 2009 € 6,5 miljard. De verplichtingen bedroegen € 6,5 miljard en de ontvangsten € 0,1 miljard.


Oordeel over de bedrijfsvoering

Net als vorig jaar is de bedrijfsvoering  van J&G op orde: wij hebben geen onvolkomenheden geconstateerd. 


De minister laat weten dat de implementatie van de Deltamethode en de verlaging van de caseload van gezinsvoogden momenteel wordt geëvalueerd. In zijn reactie op ons advies om Jeugd en Gezin te evalueren, wijst de minister op een recent onderzoek van het onderzoeks- en adviesbureau Berenschot naar het Programma voor Jeugd en Gezin en het Programma voor Wonen, Wijken en Integratie. Tot slot neemt de minister ons advies in overweging om de controleerbaarheid van de informatie over het gevoerde beleid in het jaarverslag te verbeteren.


 

Volledige versie