U bevindt zich op: Home Publicaties Onderzoeksrapporten

Kredietcrisis: Interventies en vervolg

Derde rapportage

De Algemene Rekenkamer volgt de voornaamste interventies en arrangementen van het Ministerie van Financiën in het kader van de kredietcrisis. Op 19 mei publiceerden we onze derde rapportage, die de ontwikkelingen schetst in het laatste kwartaal van 2009 en het eerste kwartaal van 2010. Eerdere rapportages publiceerden we op 14 januari 2010 en 19 mei 2009.

Rapport Kredietcrisis: Interventies en vervolg PDF, 273 kB


Samenvatting

Interventies

Ook in de derde rapportage hebben we gekeken naar de volgende interventies/arrangementen:

  • Deelneming van de staat in Fortis/ABN AMRO;
  • Kapitaalverstrekkingsfaciliteit (ING, AEGON en SNS REAAL);
  • Garantiefaciliteit voor bancaire leningen;
  • Verruiming van het depositogarantiestelsel;
  • Voorfinanciering van de uitkering depositogarantiestelsel IJsland;
  • Back-upfaciliteit ING.

Uit het rapport blijkt dat de staat eind 2009 over € 43,8 miljard aan aandelen, leningen en speciale effecten (securities) financieel risico liep. Daarnaast liep de staat eind 2009 voor € 95,6 miljard financieel risico met garanties en bedragen waarvoor de staat deelneemt in (de verliezen van) portefeuilles van financiële instellingen.

Omhoog

Aandachtspunten

In de rapportage wijzen we op enkele aandachtspunten voor het Ministerie van Financiën en de Tweede Kamer bij het beheer van de staatsbelangen in de financiële sector en de voorbereiding van de afwikkeling van de interventies (exitstrategie):

  •  De herstructurering van de financiële instellingen, zodat deze in de toekomst ook zonder staatsteun kunnen voortbestaan. Dit betreft in het bijzonder de integratie van Fortis Bank Nederland en ABN AMRO, maar ook de herstructurering van ING vanwege de eisen die de Europese Commissie stelt in relatie tot de verleende staatssteun.
  •  De afwikkeling van geschillen en/of beroepsprocedures rond de interventies, in het bijzonder wat Fortis/ABN AMRO en ING betreft.
  •  Het voldoen aan de eisen van de Europese Commissie op grond van de beoordeling op staatssteunaspecten. Ook dit aandachtspunt betreft vooral Fortis/ABN AMRO en ING.
  •  De monitoring van de ontwikkelingen per interventie, de analyse van risico’s en de controle op de financiële stromen die verband houden met de interventies.
  •  De informatievoorziening over de interventies, waaronder de informatievoorziening aan de Tweede Kamer.
  •  Het formuleren van een exitstrategie, waarbij een balans wordt gevonden tussen de wens om de belangen in de financiële sector zo kort mogelijk aan te houden en het nemen van de nodige tijd om gunstige (markt)omstandigheden te bereiken voor een rendabele afstoting van de staatsbelangen.
Omhoog

Duurzaam beloningsbeleid

Verder gaan we in deze rapportage in op de ontwikkelingen in het beloningsbeleid in de financiële sector. Bij verschillende interventies van het Ministerie van Financiën zijn namelijk voorwaarden geformuleerd voor een duurzaam beloningsbeleid bij financiële instellingen die van arrangementen gebruik hebben gemaakt. Zo heeft de staat bij een aantal interventies beperkingen gesteld aan de uitbetaling van bonussen en aan ontslagvergoedingen.

Omhoog

Reactie minister

De minister geeft in zijn reactie op ons rapport aan dat hij met belangstelling kennis heeft genomen van onze derde rapportage over de kredietcrisis. Het rapport geeft hem verder geen aanleiding tot het maken van opmerkingen.

De reactie van de minister heeft de Algemene Rekenkamer geen aanleiding gegeven tot een nawoord.

Omhoog

Stand van zaken

 

Volledige versie