Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Publicaties Onderzoeksrapporten

Verantwoording en toezicht bij rechtspersonen met een wettelijke taak, deel 5. Terugblik 2009

Veel belangrijke taken die bij wet geregeld zijn zoals onderwijs en de handhaving van de openbare orde, worden uitgevoerd door zelfstandige instellingen. Deze instellingen worden gefinancierd met publiek geld. Ze worden ook wel rechtspersonen met een wettelijke taak (rwt’s) genoemd. In dit rapport kijken wij terug op het onderzoek Verantwoording en toezicht bij rechtspersonen met een wettelijke taak, deel 5. Centraal staat de vraag of onze aanbevelingen en de toezeggingen van de ministers opvolging hebben gekregen.

Rapport PDF, 414 kB


Sinds RWT5 zijn er kleine stappen gezet in de verdere verbetering van het toezicht en de verantwoording bij rwt’s. De verantwoording van ministers aan de Staten-Generaal is nog steeds zeer beperkt. 
Ons terugblikonderzoek laat zien dat de helft van de ministers nog geen gebruik maakt van een risicoanalyse om hun toezicht op de bedrijfsvoering van hun rwt’s in te vullen. 
De overige onderzochte onderwerpen waren in RWT5 al redelijk tot goed op orde en zijn sindsdien nog verbeterd. De departementale toezichtsvisies zijn in ontwikkeling. Voor bijna alle (clusters van) rwt’s zijn vorm en inhoud van het toezicht uitgewerkt in toezichtsarrangementen. Ook hebben bijna alle departementen een reviewbeleid. Nog niet alle rwt’s hebben een publiek jaarverslag. Tot slot constateren wij dat de rechtmatigheidsverklaringen van de rwt’s een punt van aandacht blijven.


De minister van Financiën heeft mede namens zijn ambtsgenoot van BZK en de andere ministers gereageerd op de rijksbrede rapportage. Hij ziet het overwegend positieve oordeel van de Algemene Rekenkamer als ondersteuning voor de inspanningen die departementen hebben geleverd op het gebied van een toezicht- en verantwoordingsstructuur. Hij stelt dat de overheid de publieke belangen op systeemniveau waarborgt en dat specifieke wet- en regelgeving richting geeft aan de relatie tussen een verantwoordelijke minister en een rwt, en aan de wijze van verantwoording naar het parlement.
Over de verantwoording van de ministers aan de Staten-Generaal stelt de minister dat het afleggen van verantwoording over het algemeen langs andere wegen verloopt dan het departementale jaarverslag. De minister wil hieraan vasthouden en geeft als belangrijke reden dat de rechtmatigheid van de rwt’s nu voldoende is gewaarborgd. Ook de wens de toezichts- en verantwoordingslasten te beperken, zeker voor de rwt’s, is een argument voor het onveranderd laten van de huidige verantwoordingswijze.

Meer informatie

We bevelen de minister van Financiën als coördinerend minister aan de Rijksbegrotingsvoorschriften (RBV) aan te passen zodat uit de departementale jaarverslagen blijkt hoe groot de publieke geldstromen bij rwt’s zijn en hoe de rwt's functioneren en presteren. Ook bevelen wij de minister aan om in de RBV een toelichting op te nemen over hoe een uitzonderingsrapportage moet worden vormgegeven. 
Wij bevelen de ministers aan om met het toezicht in te schatten of de onderdelen uit de bedrijfsvoering die raken aan het publiek belang voldoende worden gewaarborgd door de rwt. Ook bevelen wij de ministers aan de Staten-Generaal inzicht te bieden in het uitgevoerde toezicht op de bedrijfsvoering.
Wij bevelen de ministers aan de rwt’s erop aan te blijven spreken om een publiek jaarverslag te maken.


 

Volledige versie