U bevindt zich op: Home › Publicaties › Onderzoeksrapporten
Terugblik 2008
In dit terugblikonderzoek hebben we gekeken hoe het gesteld is met twee van de aanbevelingen uit ons rapport Handhaven en gedogen uit 2005.
Handhaven en gedogen
PDF, 238 kB
In dit terugblikonderzoek hebben we gekeken hoe het gesteld is met twee van de aanbevelingen uit ons rapport Handhaven en gedogen uit 2005. De aanbevelingen gingen over (1) de noodzaak om regelmatig het nalevingsniveau te meten van alle bepalingen in de nationale wet- en regelgeving en de handhavingsinspanningen daarop aan te passen, en (2) de noodzaak om meer zicht te krijgen op de effectiviteit van de handhaving, door aannames over het verband tussen handhaving, naleving en risicoreductie te expliciteren en te toetsen.
De betrokken bewindspersonen hebben destijds in hun reactie op het rapport aangegeven dat zij enkele van onze aanbevelingen in het programma 'Rijk aan handhaving' zouden uitwerken. Daarom hebben we in dit terugblikonderzoek ook gekeken wat dit programma de afgelopen drie jaar heeft opgeleverd.
Programma 'Rijk aan handhaving'
Het programma 'Rijk aan handhaving' (2004-2007) heeft ertoe bijgedragen dat ervaringen en kennis van zowel handhavers als beleidsmakers zijn benut en uitgewisseld. Alle departementen en inspecties hebben de mogelijkheid gekregen om te werken aan een gestructureerde en risicogerichte methode voor de handhaving. Een tekortkoming is dat het programma grotendeels gericht is geweest op het handhavingsproces tot en met het ontwerp van een interventiestrategie. Het onderwerp effectmeting, het sluitstuk van de cirkel van het concept 'programmatisch handhaven', is in het programma onderbelicht gebleven.
Het meten van nalevingsniveaus
De ministers van BZK, OCW en VROM namen destijds onze aanbeveling over het regelmatig meten van nalevingsniveaus over. De ministers van VenW en Defensie en de staatssecretaris van SZW gaven aan alleen de feitelijke nalevingsniveaus van kernbepalingen te meten.
De situatie is in 2007 niet wezenlijk veranderd ten opzichte van 2005. Op alle beleidsterreinen worden voor kernbepalingen nalevingsniveaus gemeten. De frequentie van deze metingen varieert van jaarlijks tot één keer in de twee jaar.
Wij hebben wel vastgesteld dat de nalevingsmetingen in de periode 2005-2007 verfijnder zijn geworden en dat er meer met de resultaten wordt gedaan. Maar voor een goed inzicht in alle sectoren en doelgroepen - vooral waar het hele controledomein niet jaarlijks gecontroleerd kan worden - zijn de gegevens nog niet altijd voldoende betrouwbaar.
Zicht krijgen op effectiviteit handhaving
De betrokken bewindspersonen lieten destijds in hun reactie op onze aanbeveling over het vergroten van het inzicht in de effecten van handhavingsinspanningen weten dat zij hieraan al werkten dan wel ermee aan de slag zouden gaan in het project 'Rijk aan handhaving'.
Uit ons terugblikonderzoek blijkt dat inspecties het meten en beoordelen van nalevingsniveaus nog vaak ten onrechte zien als een vorm van effectmeting. Bij effectmeting gaat het echter specifiek om bepalen hoe en in welke mate hand¬having bijdraagt aan naleving en oplossing van achterliggende problemen.
Methodologische beperkingen en relatief hoge kosten vormen nog steeds de belangrijkste belemmeringen om op grotere schaal echte effectmetingen uit te voeren. Op geen van de zes door ons onderzochte beleidsterreinen wordt thans al periodiek en systematisch gekeken naar de effecten van de handhavingsinzet.
·Rapport Handhaven en gedogen Terugblik 2008
·Reactie minister van Justitie
Meer over de rapporten
·Terugblik 2008
Reactie |
27-03-2008
|
PDF, 242 kb
|
Handhaven en gedogen
Rapport |
27-03-2008
|
PDF, 238 kb
|
Handhaven en gedogen
29-06-2009 |
PDF, 238 kB