U bevindt zich op: Home › Publicaties › Onderzoeksrapporten
Nederland verbetert verantwoording over EU-geld, meerderheid EU-lidstaten is nog terughoudend
EU-Trendrapport 2008
PDF, 3629 kB
Het EU-trendrapport 2008 is de zesde editie van een jaarlijkse rapportage waarin wij ontwikkelingen in het financieel management van de EU beschrijven. Centraal staat het toezicht en de controle op de besteding van EU-gelden, zowel in Nederland als EU-breed.
Onze eerste hoofdconclusie is dat Nederland in 2007 met de eerste lidstaatverklaring een belangrijke stap heeft gezet naar betere verantwoording over de besteding van EU-gelden in Nederland. Uiteindelijk zal dit efficiencywinst en administratieve lastenverlichting opleveren. Wil Nederland als goed voorbeeld blijven dienen voor andere EU-lidstaten die een vergelijkbare ontwikkeling nastreven, dan zou de lidstaatverklaring binnenkort méér Europese geldstromen moeten gaan omvatten dan alleen de landbouwsubsidies. De minister van Financiën heeft hierover ook toezeggingen gedaan aan de Tweede Kamer.
Onze tweede hoofdconclusie luidt - de positieve ontwikkeling in Nederland ten spijt - dat binnen de EU het streven naar verbetering van de verantwoording over hoe EU-gelden in de lidstaten worden besteed, slechts beperkt actief wordt ondersteund door de Europese organen (afgezien van het Europees Parlement). Nog maar weinig EU-landen brengen een eigen lidstaatverklaring uit of overwegen dit te gaan doen. De bijdrage die zou kunnen worden geleverd aan een positieve betrouwbaarheidsverklaring van de Europese Rekenkamer (die deze tot op heden nog nooit heeft kunnen afgeven) blijft daarmee beperkt.
Onze derde hoofdconclusie is dat het inzicht in en de rechtmatigheid van de besteding van EU-gelden in de EU-lidstaten in 2006 niet of nauwelijks is verbeterd. De activiteitenverslagen van de directoraten-generaal en diensten van de Europese Commissie bieden enig inzicht in de resultaten van hun werkzaamheden, maar over controles in de lidstaten is de informatie nog steeds beperkt.
Onze vierde hoofdconclusie is dat Nederland grote financiële risico's loopt vanwege ernstige tekortkomingen bij de uitvoering van de EFRO-structuurfondsprogramma's in Nederland in de periode 2000-2006. De Europese Commissie heeft problemen geconstateerd bij de eerstelijnscontroles, bij de vastlegging en melding van onregelmatigheden en bij het openbaar aanbesteden van diensten. Ook vanwege de 'btw-kwestie' zal Nederland vermoedelijk grote bedragen moeten terugbetalen aan de EU. Het gaat hier om het probleem dat sommige gemeenten en provincies in het kader van EFRO-projecten btw bij de EU declareren die nationaal al wordt gecompenseerd via het BTW-compensatiefonds. Zulke reeds gecompenseerde btw is volgens de Commissie niet subsidiabel.
OmhoogOm de transparantie rond de controle van en verantwoording over EU-gelden te vergroten zou het kabinet de Europese Commissie moeten aansporen om:
in haar jaarlijkse verantwoordingsrapportages gebruik te maken van de lidstaatverklaringen van de EU-landen en van de nationale rekenkameronderzoeken daarnaar;
inzichtelijk te maken wat er goed gaat en wat er minder goed gaat in elk van de lidstaten en zo te laten zien hoe zij de verantwoordingsinformatie uit de lidstaten gebruikt;
de controle- en rapportagemomenten rond de verschillende geldstromen te harmoniseren.
Verder zou het kabinet ervoor moeten zorgen dat de lidstaatverklaring 2008 ook de structuurfondsen, het visserijfonds en de migratiefondsen omvat. Om de nationale afdrachten aan de EU eveneens te kunnen integreren in de lidstaatverklaring zou het kabinet moeten laten onderzoeken hoe de betrouwbaarheid van de CBS-informatie over het bruto nationaal inkomen kan worden vastgesteld. Verder moeten de bij het EFRO betrokken ministeries (EZ, LNV en BZK) hun eerstelijnscontroles en het toezicht op de beheersautoriteiten sterk verbeteren, zodat de geconstateerde problemen voortaan kunnen worden voorkomen. Overwogen zou kunnen worden een 'Agentschap EFRO' in het leven te roepen.
OmhoogHet kabinet onderschrijft onze drie aanbevelingen ter vergroting van de transparantie rond controle en verantwoording.
Het kabinet geeft aan dat in ieder geval de structuurfondsen en het visserijfonds op korte termijn deel gaan uitmaken van de lidstaatverklaring. Over de migratiefondsen vinden nog onderhandelingen plaats.
Het kabinet laat weten dat de berekening van het bruto nationaal inkomen al onderwerp is van een verificatieonderzoek door de Europese Commissie; het acht nader onderzoek niet nodig.
Over de EFRO-problematiek geeft het kabinet aan dat de Commissie nog geen besluit heeft genomen over de financiële consequenties. Voor de komende programmaperiode zijn bepaalde aspecten van het financieel beheer van de EFRO-programma's inmiddels gecentraliseerd.
OmhoogHet rapport is op 7 februari 2008 naar de Tweede Kamer gestuurd.
OmhoogKamervragen |
08-05-2009
|
PDF, 39 kb
|
EU-trendrapport 2008
Vastgesteld 28 april 2008
Kamervragen |
08-05-2009
|
PDF, 19 kb
|
EU-trendrapport 2008
Vastgesteld 20 mei 2008
Rapport |
07-02-2008
|
PDF, 3629 kb
|
Europese Unie, EU-trendrapport 2008, Europese Unie
7-02-2008 |
PDF, 3629 kB