U bevindt zich op: Home › Publicaties › Onderzoeksrapporten
Verantwoording en toezicht bij RWT's, deel 5
Verantwoording en toezicht bij RWT's, deel 5, Ministerie van Economische Zaken
PDF, 1115 kB
Het Ministerie van Economische Zaken heeft acht RWT's die samen € 333,2 miljoen aan publiek geld besteden, waarvan in 2004 ruim € 205 miljoen afkomstig was uit de rijksbegroting.
Het toezichtsbeleid van het ministerie is verbeterd: het ministerie heeft een centrale toezichtsvisie ontwikkeld en per RWT zijn er individuele toezichtsarrangementen. De centrale toezichtsvisie blijkt echter niet te leven bij de beleidsdirecties die belast zijn met de aansturing van de RWT's.
Het jaarverslag van de minister voldoet aan de wettelijke norm. Het bevat echter niet de extra informatie die volgens de normen van de Algemene Rekenkamer opgenomen zou moeten zijn, zoals informatie over de wijze waarop de minister gebruikmaakt van toezichthoudende bevoegdheden, en informatie over de volledige geldstromen bij RWT's.
De Algemene Rekenkamer heeft ook onderzoek gedaan bij een van de RWT's van het ministerie: het CBS. Naar aanleiding daarvan beveelt zij de minister van EZ aan de scheiding van uitvoerende en toezichthoudende taken van de interne toezichthouder bij het CBS te formaliseren.
De minister acht het niet mogelijk het gehanteerde praktijktoezicht transparant te maken op de manier waarop de Algemene Rekenkamer dit wenst. Het toezicht op de uitvoering van een publieke taak wordt op maat vormgegeven, wat betekent dat de aard en omvang van een organisatie bepaalt hoe gedetailleerd het toezicht moet zijn. Daarom wil hij de publieke dienstverlening, de integriteit en de bestuurskosten van de RWT's geen standaardonderdeel maken van zijn toezichtsvisie. Verder geeft hij aan dat de onafhankelijke positie van de interne toezichthouder van het CBS naar zijn mening adequaat geborgd is, omdat het een apart en zelfstandig bestuursorgaan is.
20-05-2009 |
PDF, 1115 kB