Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Publicaties Onderzoeksrapporten

Accijnzen op minerale oliën: toezicht doorgelicht

Het douanetoezicht op deze accijnzen is niet afdoende. Dit ligt deels aan EU-regelgeving, deels aan de douane zelf.


De Algemene Rekenkamer heeft in nauwe samenwerking met het Rekenhof van België in de periode april 2002 tot mei 2003 onderzoek gedaan naar de wijze waarop de Douane de heffing van accijnzen op minerale oliën uitvoert. Belangrijk doel van het gezamenlijke onderzoek was om bij te dragen aan versterking van de controleaanpak op dit gebied. Met de accijns op minerale oliën was in 2002 circa € 5,8 miljard als ontvangsten voor de schatkist gemoeid. Producenten en handelaren in de oliesector krijgen van de Douane een zogenoemde accijnsvergunning. Zij geven de accijns die zij moeten betalen voor de olieproducten die ze in Nederland afzetten zelf aan bij de Douane.

Conclusies

De Algemene Rekenkamer concludeert dat het douanetoezicht op de heffing van accijns op minerale oliën niet afdoende is. Deels is dit het gevolg van beperkingen die voortkomen uit de door de EU bepaalde regels. Uit het onderzoek blijkt verder dat zowel het verlenen van de vergunningen als de controle op de vergunninghouders niet helemaal goed verloopt. Onder andere door een gebrek aan controlecapaciteit en door onvoldoende administratieve en technische kennis worden controles deels niet of niet goed uitgevoerd.

Omhoog

Aanbevelingen

De Algemene Rekenkamer vraagt onder meer steun voor de plannen op Europees niveau om de accijnstarieven verder te harmoniseren en een gezamenlijk geautomatiseerd accijnscontrolesysteem in te voeren.

Omhoog

Reactie minister

De staatssecretaris van Financiën geeft aan dat het onderzoek de vinger op enkele zere plekken heeft gelegd. Hij stelt ook dat het onderzoek een katalyserende werking heeft gehad. Hij heeft een werkgroep in het leven geroepen om concrete voorstellen te doen naar aanleiding van de aanbevelingen van de Algemene Rekenkamer. Hij stelt dat de doet een groot aantal concrete toezeggingen die uiterlijk in 2005 moeten zijn gerealiseerd.

In 2005 heeft de Algemene Rekenkamer onderzocht wat de bewindslieden met de aanbevelingen bij dit rapport hebben gedaan. De resultaten hiervan zijn gepubliceerd op 30 maart 2006.

Omhoog

 

Volledige versie