U bevindt zich op: Home › Publicaties › Onderzoeksrapporten
Tussen 2002 en 2003 is onderzoek gedaan naar de rol van het Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer bij 'stedelijke vernieuwing'. Dit is beleid gericht op gevarieerdere woningen, meer werkgelegenheid en een aantrekkelijk ondernemingsklimaat in de grote steden. Sinds 2000 ontvangen dertig grote steden rechtstreeks van het Rijk een Investeringsbudget Stedelijke Vernieuwing.
Rijksbeleid stedelijke vernieuwing
PDF, 211 kB
De Tweede Kamer weet maar in beperkte mate welke doelen de minister wil bereiken met de inzet van ruim € 2 miljard voor de jaren 2000-2004. Daardoor wordt het straks lastig te bepalen of er voldoende terecht is gekomen van de stedelijke vernieuwing.
Ook de verantwoording en controle zijn niet goed geregeld. Hierdoor krijgt de minister bij de eindafrekening in 2005 mogelijk onvoldoende zekerheid dat de gelden rechtmatig en doelmatig zijn besteed.
OmhoogEr moet in de tweede ISV-periode duidelijk worden vastgelegd wanneer welke doelstellingen bereikt moeten zijn. Verder moet van de steden een volwaardige rechtmatigheidsverklaring over de besteding van de gelden gevraagd worden en moet de beoordeling van de prestatieverslagen in 2005 verder worden uitgewerkt.
OmhoogVeel verbeterpunten sluiten volgens de minister van VROM aan bij de uitgangspunten van het kabinet voor de volgende periode. De minister zal een aantal van deze punten doorvoeren in het ISV 2005-2009. Daarnaast zegde de minister toe, beter aan te sluiten bij de VBTB-operatie. Zo wordt inzichtelijker in hoeverre de situatie dankzij ISV verbetert. De minister is het niet eens met de opmerkingen over de rechtmatige besteding van het geld. Ook wenst zij minder rijksbemoeienis met ISV dan de Algemene Rekenkamer voor ogen staat. De Algemene Rekenkamer vindt echter dat ruime lokale beleidsvrijheid heel goed samen kan gaan met heldere afspraken tussen Rijk en steden. Het kabinet zal in oktober 2003 definitief besluiten over de tweede ISV-periode. De Algemene Rekenkamer zal daarna de minister van VROM vragen haar reactie aan te vullen op de punten waar zij in september nog niets over kon zeggen.
In najaar 2004 heeft de Algemene Rekenkamer onderzocht wat de minister met de aanbevelingen bij dit rapport heeft gedaan. De resultaten hiervan zijn gepubliceerd op 24 maart 2005 in 'Terugblik 2005; elf onderzoeken nader beschouwd'.
OmhoogReactie |
9 september 2004
|
PDF, 26 kb
|
Rijksbeleid stedelijke vernieuwing
Kamervragen |
30 oktober 2003
|
PDF, 22 kb
|
Rijksbeleid stedelijke vernieuwing
Vastgesteld 30 oktober 2003
Reactie |
25 september 2003
|
PDF, 727 kb
|
Rijksbeleid stedelijke vernieuwing
Rapport |
25 september 2003
|
PDF, 211 kb
|
Rijksbeleid stedelijke vernieuwing
Bijlage |
25 september 2003
|
PDF, 6 kb
|
Rijksbeleid stedelijke vernieuwing
18-05-2009 |
PDF, 211 kB