Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Publicaties Onderzoeksrapporten

Verantwoorden over beleid

Binnen de Ministeries van Economische Zaken (EZ), Landbouw, Natuurbeheer en Visserij (LNV), Verkeer en Waterstaat (V&W) en Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening, Natuurbeheer en Milieu (VROM) wordt hard gewerkt aan de ontwikkeling van de 'verantwoording nieuwe stijl' in het kader van VBTB. Om reeds in een vroegtijdig stadium aan te geven waaraan de verantwoording over beleidsresultaten in volgende jaren zou moeten of kunnen voldoen, is de Rekenkamer voor acht beleidsterreinen, verspreid over de vier genoemde ministeries, nagegaan hoe deze optimaal kan worden vormgegeven.

Rapport PDF, 234 kB


Conclusies

De verantwoording over 1999 is voor de meeste onderzochte beleidsterreinen nog ver verwijderd van de door de Rekenkamer ontwikkelde 'ideale modellen'. Wel bleek dat de departementen hard werken aan verbetering. Voor drie van de vier in het onderzoek betrokken beleidsprioriteiten van de werkgroep Financiële Verantwoordingen (te weten de Stimuleringsregeling voor Ruimtelijke Economische Activiteit, het beleid voor de ecologische hoofdstructuur en het waterkerenbeleid) heeft deze inspanning in 1999 reeds tot een duidelijke verbetering geleid. Voor de vierde beleidsprioriteit (het klimaatbeleid) is een duidelijke verbetering in 2000 voorzien.

Omhoog

Aanbevelingen

De Rekenkamer doet de betrokken bewindslieden de volgende aanbevelingen

  • neem voor elk beleidsterrein toetsbare (tussen-) doelen op die binnen één jaar of maximaal vijf jaar bereikt moeten zijn;

  • besluit bij beleid, dat de inzet van veel verschillende instrumenten vergt, en bij interdepartementaal beleid expliciet over de plaats waar verantwoording wordt afgelegd;

  • neem in de verantwoording ook informatie op over de bijdrage van mogelijk betrokken lagere overheden, zelfstandige bestuursorganen, rechtspersonen met een wettelijke taak of particulieren;

  • geef in de te ontwikkelen beleidsverantwoording zoveel mogelijk inzicht in de realisering van de kern van het beleid en de kritische succes- en faalfactoren van het beleid.

Daarnaast beveelt de Rekenkamer de minister van Financiën aan te bevorderen dat voorschriften worden ontwikkeld voor de verzameling, analyse en levering van verantwoordingsinformatie en te bevorderen dat voldoende voorzieningen worden getroffen voor de controle op de betrouwbaarheid van deze informatie. Ook zou de minister de door de Rekenkamer ontwikkelde handreiking moeten betrekken bij de verdere verbetering van de verantwoording over beleidsresultaten door alle departementen.

Omhoog

Reactie bewindslieden

Alle bewindspersonen hebben positief op het onderzoek en de daarbij gehanteerde aanpak gereageerd. Dit geldt met name voor de reactie van de coördinerend minister van Financiën. In algemene zin zijn alle aanbevelingen overgenomen. De ministers van de vier betrokken departementen (EZ, LNV, V&W en VROM) plaatsen daarbij echter veel kanttekeningen. Veelal voeren zij vooral overwegingen van praktische en methodologische aard aan om te hoge verwachtingen voor verbeteringen op korte termijn te temperen.

Omhoog

 

Volledige versie