U bevindt zich op: Home › Publicaties › Dossiers › Toezicht DNB › Hoe staat het ervoor?
In 2009 hebben wij een verkenning uitgevoerd naar het systeem van toezicht op de stabiliteit van financiële markten door DNB.
Wij signaleerden spanningsvelden die inherent zijn aan het huidige systeem van toezicht en die relevant zijn voor het functioneren van DNB. Zo kunnen bijvoorbeeld openbare uitingen van DNB over financiële instellingen de stabiliteit van instellingen in gevaar brengen, terwijl tegelijkertijd het achterwege blijven van openbare waarschuwingen niet bijdraagt aan het vertrouwen in het toezicht.
We beschrijven in ons rapport ook enkele kritische thema’s in het toezicht. Op twee van die thema’s gaan we hieronder in.
Gebleken is dat het stelsel van toezicht moeilijk in staat is om risico’s het hoofd te bieden die het financieel systeem als geheel bedreigen. In regelgeving en toezicht is dit aspect tot medio 2008 onderbelicht gebleven. De veronderstelling was dat de stabiliteit van het systeem als geheel voldoende is gewaarborgd als gezorgd wordt voor de stabiliteit van individuele instellingen. Deze veronderstelling is niet juist gebleken. Sinds 2008 zijn er maatregelen genomen ter verbetering van het toezicht die vooral gericht zijn op internationale samenwerking. Deze maatregelen lossen het probleem niet op van de koppeling van een (vooral) internationaal financieel systeem aan een nationale verantwoordelijkheid voor de aanpak van systeemrisico’s.
De kredietcrisis heeft gebreken blootgelegd in de regelgeving voor kapitaaleisen aan financiële instellingen. Zo waren de eisen voor de hoeveelheid aan te houden kapitaal voor effecten laag. Nieuwe regelgeving daarvoor is in de maak. Tegelijkertijd is er het besef dat regelgeving in veel gevallen achter de praktijk aanloopt. Een proactieve regelgever en een alerte toezichthouder, die de ruimte waarover ze (bij wet) beschikken ook daadwerkelijk gebruiken, zijn dan essentieel.