Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Publicaties Dossiers Re-integratie Hoe staat het ervoor?

Huidig onderzoek: Re-integratie

Hoe staat het ervoor?

We hebben in 2008, 2009, 2010 en 2011 in onze rapporten bij de jaarverslagen onderzoek gedaan naar de informatie die de minister geeft over de effectiviteit van re-integratie.

Daarnaast hebben we in 2009 een rapport gepubliceerd over de groep werklozen zonder startkwalificatie. We kwamen tot de volgende conclusies:

  • Het jaarverslag van het Ministerie van SZW biedt nog niet voldoende inzicht in de effectiviteit van re-integratie. Dit geldt voor de re-integratieactiviteiten van zowel gemeenten als UWV. Wij zijn van mening dat in het jaarverslag inzichtelijk moet zijn wat de relatie is tussen de uitgaven, activiteiten en resultaten van de ondersteuning bij re-integratie. In het Rapport bij het Jaarverslag 2010 van het Ministerie van SZW bevelen wij de minister aan om voor de wet “Werken naar vermogen” te zorgen voor een adequaat informatiearrangement: welke informatie is nodig om inzicht te krijgen in de effectiviteit van de regeling? En hoe kan die informatie worden verzameld en gepresenteerd? Uit het jaarverslag moet volgens ons op hoofdlijnen blijken wat de kosten en baten van de re-integratieactiviteiten zijn geweest.
  • Het is niet duidelijk of en welke voorzieningen specifiek worden ingezet voor de bijzondere groep van werklozen zonder startkwalificatie. Uitvoeringsorganisaties en gemeenten houden namelijk niet bij welke voorzieningen voor welke doelgroepen worden ingezet. Hierdoor is het lastig om de effectiviteit van de voorzieningen te bepalen.
  • Er is de afgelopen jaren veel geïnvesteerd in leer-werktrajecten. Deze trajecten zijn echter vooral ingezet voor werkenden en in veel mindere mate voor werklozen.
  • Regionale samenwerking beschouwen wij als een voorwaarde voor duurzame re-integratie. Er is de afgelopen jaren veel gebeurd om regionale samenwerking op het terrein van onderwijs en arbeidsmarkt te bevorderen. Het is alleen onzeker of deze regionale samenwerking ook duurzaam is, mede omdat subsidieregelingen om samenwerking te stimuleren een tijdelijk karakter hebben.
 

Volledige versie