De Algemene Rekenkamer doet haar onderzoek in 2 fasen: de onderzoeksfase en de bestuurlijke fase. Elke instelling die wij onderzoeken, krijgt daarmee te maken.
Onderzoeksfase
In de onderzoeksfase is de uitwisseling van informatie tussen de
Algemene Rekenkamer en de gecontroleerde organisatie vertrouwelijk
en dus niet openbaar. Ook niet met een beroep op de Wet
openbaarheid van bestuur (WOB-verzoek).
De onderzoeksfase begint met een startgesprek en eindigt met het
opleveren van een definitieve nota van bevindingen. De
onderzoeksfase bestaat uit de volgende onderdelen:
- Startgesprek
De projectleider van de Algemene Rekenkamer geeft tijdens dit
gesprek toelichting op het onderzoek. De betreffende instelling
heeft de gelegenheid om opmerkingen te plaatsen bij onze aanpak.
Ook komen de uitvoering en de planning aan de orde.
- Informatie verzamelen
In deze fase voeren we gesprekken met betrokken medewerkers en
verzamelen we de informatie die we nodig hebben. We hebben de
bevoegdheid om alles te onderzoeken wat we nodig hebben om onze
taak uit te oefenen, ook vertrouwelijke
informatie.
- Conceptnota van bevindingen
In
de conceptnota vermelden we de feiten die tijdens het onderzoek
naar voren kwamen. We verbinden daaraan geen conclusies. Het doel
van de nota is om te kijken of de bevindingen kloppen.
- Ambtelijk hoor en wederhoor
De
betrokken medewerkers van de onderzochte instelling(en) controleren
of de informatie in de conceptnota van bevindingen
klopt.
- Definitieve nota van bevindingen
De onderzochte instelling(en) krijgt de definitieve nota van
bevindingen. Bij de nota zit een verslag van het ambtelijk hoor een
wederhoor en van wat wij daarmee hebben gedaan.
- Rapportagevoorstel
De projectleider van het onderzoek schrijft een
rapportagevoorstel waarin de bevindingen op hoofdlijnen staan
omschreven. Ook beschrijft de projectleider de
politiek-bestuurlijke situatie. Daarnaast doet hij of zij een
voorstel voor de bestuurlijke boodschap van het rapport en
omschrijft hij de aanbevelingen. De communicatie met de doelgroepen
(onderzochte instellingen, Tweede Kamer en media) is een van de
andere aandachtspunten in het rapportagevoorstel.
Omhoog
Bestuurlijke fase
Ook in de bestuurlijke fase is de uitwisseling van informatie
tussen de Algemene Rekenkamer en de gecontroleerde instelling
vertrouwelijk en dus niet openbaar.
In de bestuurlijke fase komt het definitieve rapport tot stand.
Dat gebeurt in een aantal stappen:
- Conceptrapport
Het conceptrapport bevat een centrale boodschap, een selectie van
de relevante bevindingen, conclusies en aanbevelingen. Soms
organiseert de Algemene Rekenkamer expert meetings of
rondetafelgesprekken met mensen die betrokken zijn bij het
onderwerp. Bij hen toetsen we bijvoorbeeld onze conclusies en
aanbevelingen.
- Bestuurlijk hoor en wederhoor
De verantwoordelijke bewindspersoon (of -personen) en
bestuurder(s) van de betrokken instelling(en) kunnen hun reactie
geven op het conceptrapport. Dat doen ze via een brief aan het
college van de Algemene Rekenkamer. Deze brief publiceren we - na
publicatie van het onderzoek- op de website van de Algemene
Rekenkamer.
- Definitief rapport
Hierin is ook de bestuurlijke reactie op het conceptrapport
opgenomen, vergezeld van een nawoord van de Algemene
Rekenkamer.
- Doorlooptijd
De totale doorlooptijd van een onderzoek – van aankondiging tot
publicatie – varieert van enkele maanden tot meer dan een jaar.
Meestal zit er een aantal weken tussen het verschijnen van de
definitieve nota van bevindingen en de ontvangst van het
conceptrapport door de onderzochte instelling(en). Ook de periode
tussen de bestuurlijke reactie en de publicatie van het definitieve
rapport duurt meestal enkele weken.
Omhoog
Aanspreekpunt voor onderzochte instellingen
Tijdens het hele onderzoek is de projectleider van de Algemene
Rekenkamer het aanspreekpunt voor de onderzochte
instelling(en).
Omhoog