Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Nieuws Persberichten

Rijk kent effecten vaak niet van stimuleren met miljarden

Inzicht in uitgaven via fiscale stimulering, specifieke uitkeringen en subsidies

Met tientallen miljarden euro’s stimuleert het Rijk elk jaar via fiscale maatregelen, specifieke uitkeringen en subsidies een scala aan ontwikkelingen. Dit geld wordt via honderden regelingen verdeeld. De rijksoverheid weet in veel gevallen niet of deze financiële instrumenten het beoogde effect hebben. Veel van deze regelingen worden namelijk niet geëvalueerd, ook niet als ze al langer dan vijf jaar bestaan. In wel uitgevoerde evaluaties wordt niet altijd een uitspraak over de effectiviteit van de regeling gedaan. Bijna een derde deel van het totale budget voor deze financiële instrumenten is geen onderwerp geweest van de voorstellen van de ambtelijke werkgroepen Brede heroverwegingen.

De Algemene Rekenkamer heeft op 19 mei 2010 het rapport Inzicht in belastinguitgaven, specifieke uitkeringen en subsidies gepubliceerd. Dit onderzoek kan de Tweede Kamer betrekken bij toekomstige heroverwegingen van beleid nu het huishoudboekje van de Staat onder druk is komen staan sinds de kredietcrisis. Het Rijk heeft voor 2009 totaal    € 15,3 miljard via specifieke uitkeringen verdeeld en voor 2010 is totaal € 12,5 miljard voor fiscale stimuleringsmaatregelen en € 6,1 miljard voor subsidies beschikbaar. Uit het rapport blijkt dat 28 % van de specifieke uitkeringen als effectief is beoordeeld en 33 % van de fiscale stimuleringsmaatregelen.

Voorbeelden van fiscale stimuleringsmaatregelen (ook belastinguitgaven genoemd, eigenlijk een subsidie in de vorm van een belastingvoordeel): vrijstelling motorrijtuigen ouder dan 25 jaar (€ 119 miljoen, geen uitspraak effectiviteit), arbeidskorting voor ouderen (€ 246 miljoen, niet geëvalueerd), horeca voedingsmiddelen (€ 1.138 miljoen, niet geëvalueerd).

De Algemene Rekenkamer is nagegaan of er over de financiële regelingen evaluaties voorhanden zijn, en of daarin conclusies zijn getrokken over de effectiviteit. Veertig fiscale regelingen (financieel belang € 4,7 miljard) zijn sinds 2005 niet geëvalueerd. Van 60 evaluaties van fiscale regelingen wordt slechts in 23 gevallen een duidelijke uitspraak over de effectiviteit gedaan. De Algemene Rekenkamer heeft niet zelf de effectiviteit per regeling onderzocht. Van het budget voor fiscale regelingen is € 7,8 miljard niet meegenomen in de ambtelijke Brede heroverwegingen.

Voorbeelden specifieke uitkeringen: inkomensdeel Wet Werk en Bijstand (€ 3.706 miljoen, evaluatie: gemeenten positief over werking wet), sanering verkeerslawaai (€ 21 miljoen, geen evluatie), maatschappelijke opvang en verslavingsbeleid (€ 48 miljoen, niet geëvalueerd).

In de afgelopen vijf jaar zijn 94 specifieke uitkeringen (rijksgeld dat via gemeenten en provincies voor een specifiek doel wordt verdeeld) met een financieel belang van € 7,4 miljard niet geëvalueerd. Van de vijftien bekeken evaluaties van specifieke uitkeringen bevatten er zeven een uitspraak over effectiviteit. Van het budget voor 2010 van de specifieke uitkeringen is € 1,4 miljard niet meegenomen in de ambtelijke Brede heroverwegingen.

Voorbeelden subsidies: kaderregeling projecten onderzoek en wetenschap (€ 157 miljoen, geen evaluatie), Stichting Ontwikkeling Nederlandse Antillen (€ 45 miljoen, geen evaluatie).

De Algemene Rekenkamer heeft bij de subsidies gekeken of er evaluaties voorhanden zijn, maar uitspraken over effectiviteit zijn niet onderzocht. Verder is gekeken naar een vastgelegde einddatum in de subsidieregelingen en naar geplande (toekomstige) evaluaties. Het Subsidieoverzicht Rijk 2010 van het Ministerie van Financiën van 8 maart j.l. leert dat 81 % van de lopende subsidies niet is geëvalueerd.  Dit betreft voor een groot deel jonge subsidieregelingen. Subsidies die vóór 2005 startten zijn voor 59 % (budget voor 2010 is € 0,4 miljard) niet geëvalueerd.

38 % van de lopende subsidieregelingen is niet voorzien van een einddatum. De Tweede Kamer sprak in 2003 in de motie-Van As uit dat alle subsidieregelingen van het Rijk eindig moeten zijn. Daaraan is dus maar deels voldaan. De Algemene Rekenkamer beveelt aan alle subsidies van een einddatum te voorzien. Voor ruim de helft van de subsidies zonder einddatum is bovendien nog geen evaluatie gepland. Alle ministers wordt door de Algemene Rekenkamer een planning aanbevolen voor subsidie-evaluaties, en deze informatie op te nemen in het Subsidieoverzicht Rijk. Omdat veel subsidies korter duren dan vier jaar, zou het beter zijn vaker dan eens in de vier jaar dit subsidieoverzicht te laten verschijnen. Van het budget voor subsidies is € 1,6 miljard niet meegenomen in de ambtelijke Brede heroverwegingen. Van de in totaal € 33,9 miljard aan financiële instrumenten die de Algemene Rekenkamer heeft onderzocht valt € 10,8 miljard buiten het werkterrein van de ambtelijke werkgroepen Brede heroverwegingen.

Reactie bewindspersonen en nawoord Algemene Rekenkamer
De minister van Financiën geeft aan dat bij herprioritering ook andere aspecten dan effectiviteit een rol kunnen spelen. Voor de evaluatie van subsidies is elke vakminister verantwoordelijk. De Algemene Rekenkamer stelt in het nawoord dat bij heroverweging van prioriteiten inzicht in de effectiviteit van instrumenten een minimumvoorwaarde moet zijn. Voor wettelijke subsidies geldt een evaluatieplicht.

 

Volledige versie