Direct naar (in deze pagina): inhoud, zoekveld of menu.

U bevindt zich op: Home Actueel Onderzoeksrapporten

Staat van de beleidsinformatie 2009

Op 19 mei 2009 gepubliceerd rapport van een onderzoek naar de kwaliteit van de informatie over de uitvoering van de beleidsprioriteiten van het vierde kabinet-Balkenende. Heeft het kabinet zicht op de uitvoe­ring en de resultaten van het beleid? Kan de Tweede Kamer haar controlerende taak waarmaken op basis van de informatie die zij krijgt van het kabinet. Hiermeee willen we bijdragen aan de verbetering van de kwaliteit van de informatievoorziening door de ministeries aan de Tweede Kamer.


Of het kabinet de door ons onderzochte beleidsprioriteiten uitvoert conform de plannen uit het beleidsprogramma, kan de Tweede Kamer maar beperkt controleren. De controlemogelijkheden van de Kamer worden begrensd doordat het kabinet er op veel terreinen voor heeft gekozen om beleid door mede­overheden te laten uitvoeren, om meer dan één minister verantwoordelijk te laten zijn en/of om beleidsdoelen te formuleren die ver in de toekomst liggen.

Een andere belemmerende factor is dat de voortgangsinformatie die de Kamer van de ministers ontvangt, niet altijd is te herleiden tot het beleidsprogramma van het kabinet.

Bij het armoedebeleid zien we dat de uitvoering is gedecentraliseerd naar gemeenten, met de gemeenteraden als controlerend orgaan. De Kamer is bij haar resterende controlerende taak afhankelijk van het beperkte zicht dat de minister van SZW heeft op de lokale uitvoering van het armoedebeleid. In de gegevens van de minister wordt de gedifferentieerde uitvoeringspraktijk niet automatisch zichtbaar. Wat met de rijksgelden voor armoedebestrijding precies wordt bereikt, is daardoor op landelijk niveau niet goed vast te stellen.

Bij het programma Vernieuwing Rijksdienst zien we dat de Tweede Kamer door leemtes in de informatievoorziening maar beperkt kan controleren of het kabinet vorderingen maakt met de beoogde inkrimping en kwalitatieve verbetering van de rijksoverheid. Zo heeft de Kamer tussentijds geen volledige informatie gekregen van de minister van BZK over de vraag of de departementen zich houden aan de afspraken over het 'dubbele slot' (zowel het aantal fte's als het personeelsbudget moeten omlaag). Ook biedt de verstrekte informatie geen zicht op hoe departementen de personele bezuiniging verdelen over de dienst­onderdelen.

Bij de prioriteit Recreatie om de stad zien we dat de Tweede Kamer geen informatie van de minister van LNV heeft ontvangen over problemen die een risico vormen voor de haalbaarheid van het beleidsdoel (16.000 hectare grond rond steden vóór eind 2013 verwerven en inrichten als recreatieve gebieden). Volgens afspraak zal de Kamer in 2010 een tussentijdse evaluatie ontvangen en in 2014 een eind­verantwoording. Daarnaast zijn er ook jaarlijkse voortgangs­rapportages afgesproken. Hierin schetst de minister een te optimistisch beeld van de voortgang.

Ook bij de verbetering van het bedieningsniveau van sluizen en bruggen zien we dat de Tweede Kamer niet op alle relevante punten de voortgang goed kan volgen. Het probleem ligt hier vooral in de onduidelijke aansluiting tussen het kabinets­programma en de uitwerking daarvan in de begroting van de minister van VenW.


Het kabinet en de Tweede Kamer zouden onderling afspraken moeten maken over de gewenste maatvoering in de verantwoording bij gedecentraliseerd beleid en beleid met een lange doorlooptijd. Per beleidsprioriteit zou het kabinet moeten aangeven op welk niveau en wanneer verantwoording zal plaatsvinden. Wij bevelen de Tweede Kamer aan zich ervan bewust te zijn wat de consequenties van de gemaakte afspraken zijn voor de reikwijdte van haar controlerende rol en de te ontvangen beleidsinformatie.

Wij hebben de ministers van SZW, BZK, LNV en VenW specifieke aanbevelingen gedaan om de gesignaleerde problemen rond de informatievoorziening aan de Kamer over de uitvoering van de door ons onderzochte beleidsprioriteiten op te lossen.


De minister van SZW is het eens met onze conclusies; hij wijst erop dat de ontstane situatie het gevolg is van de beslissing om het armoedebeleid te decentraliseren. De staatssecretaris van VenW neemt onze aanbevelingen over. De ministers van BZK en LNV maken bezwaar tegen onze kritiek op de informatievoorziening aan de Tweede Kamer.


null